KATRIEN VERVAELE

 

Het is het verhaal van de IJslandvaarders die in Duinkerke aanmonsterden op de zeilschepen, om te vertrekken in februari en terug te keren in september, met een ruim vol kabeljauw in het zout. Met een lijn in de hand visten ze uren naeen, tijdens de wintermaanden in dagen vol nacht, tijdens de zomermaanden in nachten van eindeloos licht. Een verhaal van horen vertellen, van lang geleden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dit boek vertelt over de visbakken en de middenslagtreilers die vanuit Oostende wegvoeren en achttien dagen later weerkeerden met ruimen vol vis.

 

Een verhaal dat wordt verteld door de vissers zelf. Ze doen dit met glimmende ogen, waarin je de zee leest. In hun eigen, wat ruige taal  met op de achtergrond  de klank

van de golven en de wind.

                              

   

 

 

 

Verhalen over vrijheid en avontuur, maar ook van heimwee en verlangen naar d ewarmte van thuis. Verhalen van afzien en beulen, schuim en zout en zware zee.  Sapige anecdotes verlichten de damatische verhalen. De vloeken gaan hand in hand met ‘godzijdank’ en ‘in godsnaam’. Geestige fait-divers verweven zich tussen de verhalen over storm, verdrinking en schipbreuk.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De sfeer uit het boek vind je ook in deze reportage van Denoix Kerger die hij maakte naar aanleiding van de foto’s Visscherskoppen van Stefan Vanfleteren.

 

 

Naar Island !

Vissers vertellen over de IJslandvaart

€ 19,99

 

 

 

 

Het verhaal van de IJslandvaart is er één van zwoegen en beulen, afzien in weer en wind, vechten tegen schuim, zout en zware zee. Een verhaal vol heroïek, maar ook barstensvol ellende.